Hildesheimer Allgemeine
11.01.2010
Niet
voor stijl-puristen
„Mariëlla Tirotto & The Blues
Federation“ geven hun grotendeels overtuigende debuut in de
Bischofsmühle
Mariëlla Tirotto’s podiumpresentatie is
voortreffelijk,
haar gedrag sympathiek en ze kan verdomd goed zingen.
Foto: Hartmann
HILDESHEIM. Buiten had
Winterstorm „Daisy“ zijn komst aangekondigd en voor
gewoonweg absurde “in-geval van ramp” adviezen
gezorgd. Binnen in de Bischofsmühle wervelde gelukkig geen
sneeuwstorm. Hier probeerden op deze avond „Mariëlla
Tirotto & The Blues Federation“ op te spelen tegen
het weer en de kou in de Mühle.
Mariëlla Tirotto is half-Italiaanse, woont in Nederland en
heeft met jazz een naam verworven. Een hele goede naam zelfs.
Een kleine 2 jaar geleden heeft ze haar Blues debuut op de markt
gebracht en kreeg ook op dit gebied veel erkenning.
Echter, men moet zeggen dat haar muziek niet voor stijlpuristen is. Wat
Tirotto en haar vier medemuzikanten brengen, is een montere mix, die
gedeeltelijk slechts nog het harmonische schema van de blues bevat.
Toch, „Mariëlla Tirotto & The Blues
Federation“, bestaande uit de naamgeefster en verder uit
Harald Koll (gitaar/basgitaar), Michel de Kok (Bluesharp), Heins Greten
(basgitaar/ piano) en John Kakiay (drums), beheersen hun vak.
Bluesrock in de breedste zin, gecombineerd met Jazz, Soul und Latin,
werd het publiek aangeboden, geserveerd met een uitmuntende,
uitgebalanceerde sound.
Bijzonder veel indruk maakt in de eerste plaats de frontvrouw. Met haar
krap 1.60m lengte en haar Zuid-Europese uiterlijk lijkt ze in niets op
het blues-archetype. Deze overweging wordt echter afgestraft door haar
stem. Donker, diep en kelig is deze en daarmee totaal anders dan haar
verschijning vermoeden laat. Het timbre en de articulatie doen soms
denken aan Grace Jones, soms aan Tina Turner. Maar zoals altijd lopen
zulke vergelijkingen mank.
Haar podiumpresentatie is voortreffelijk, haar gedrag sympathiek en ze
kan verdomd goed zingen.
Niet alleen muzikaal gaat ze haar eigen weg, ook haar teksten zijn niet
per se typisch voor de blues, doordat ze vaak een maatschappijkritische
inslag hebben en slechts af en toe over persoonlijke ervaringen gaan.
De „Blues Federation“ levert een solide fundament.
Of ze nu een jazzy ballade spelen, met funk ritmes jongleren of in de
blues rondwaren, meestal is de band strak. Dat ligt voor het grootste
deel aan de fenomenale drummer John Kakiay. Hij is een grootmeester wat
grooves betreft. Zo soepel als hij in de meest verschillende stemmingen
tot swingen komt, dat kunnen er maar weinigen.
Bovendien speelt hij in dienst van de songs, dynamisch altijd passend
en op een paar uithalen na qua volume aangepast aan de Mühle.
Gitarist Harald Koll is eveneens zeer goed op zijn instrument,
harpspeler de Kok kwam pas op gang toen hij wisselde naar de klassieke
bluesharp-sound (daarvoor was het sinpelweg te glad) en bassist Greten,
overigens getrouwd met Mariëlla Tirotto, beheerste
meestentijds zowel tempo als ritme prima.
Zo werd het toch nog warm in de Bischofsmühle en dat niet
alleen op het podium.
Dat „Mariëlla Tirotto & The Blues
Federation“ niet zonder toegiften weg kwamen, had daarom ook
niets te maken met het feit dat het publiek niet zo snel de sneeuw weer
wilde trotseren.
VON CLAUS KOHLMANN